GaultMillau 2014 presentatie – de speeches

Media hype
Afgelopen zomer besloten wij op de redactie dat wij een ander beleid zouden gaan voeren ten aanzien van Fine Food Professional en de presentatie en uitreiking van de GaultMillau Awards. Gedurfder, zeker in deze tijden. Uitdagender, juist in deze tijden. Lekker eigenwijs, want zo zijn wij soms. Dit uitte zich niet alleen in de eerder genoemde combinatie Fine Food Professional en GAultMillau zoals u vandaag al heeft kunnen zien en beleven, maar ook in een ander media beleid. Upside down. En dat werkte. Wij konden als Wine & Food Association onze eigen media inzetten met onze eigen reclame. Dat had de gewenste en beoogde resultaten. Nog nooit eerder belde zoveel pers ons, dorstig naar een blunder of schandaaltje. Ons ‘restaurantgidsje’, zoals een lokaal krantje de GM gids noemde, had nog nooit eerder zo’n grote aandacht. Nog nooit eerder zijn er al zoveel gidsen in de voorverkoop besteld. Dat belooft wat. De door ons opgezette media campagne heeft gewerkt. Een paar weken geleden uitte Jan van Lissum, directeur GaultMillau Nederland, al wat opmerkingen via Missette Horeca die reeds wat stof deden opwaaien. Het neerploffen van De ProefKrant op de deurmat in menig restaurant deed de stof verder opwaaien, net zoals vandaag, tot een ware storm. Zo stormachtig, dat een doorgewinterd presentatrice als Sacha de Boer zich er geen raad mee wist voor vanavond. U zult het dus met mij moeten doen. Improviseren. Vriend en vijand hadden hun mening al klaar. Volgens de grafieken, die een social media bureau voor ons bijhoudt, piekte het die dagen als nooit tevoren wat betreft het gebruik van het woord GaultMillau. Social media werd alom ingezet, merendeels door de gebruikelijke twitteraars die wij met veel plezier hebben gevolgd. Want in de chaos van de verwarring kan er maar een persoon licht in het duister brengen. Dames en heren, een applaus voor directeur GaultMillau Nederland, Jan van Lissum!” – Jan-Sebastian van Lissum

De speech van Jan van Lissum was samengesteld uit delen van de Filosofie van GaultMillau en het artikel Trends & Ontwikkelingen, beide elders op deze site te vinden. Hieronder enkele highlights en toegevoegde elementen:

“Als een chef terug gaat naar af en feitelijk opnieuw begint, dan is het niet te beargumenteren dat hij hetzelfde puntenaantal houdt of hetzelfde aantal sterren. Wij houden onze gids wel betrouwbaar, ondanks de goede relatie die ook wij met veel chefs hebben. Om een vergelijking te geven: als het Koninlijk Concertgebouworkest besluit om de helft van alle strijkers te ontslaan, dan heeft dat directe gevolgen voor de kwaliteit van de uitvoeringen. En anders gezegd: (…) Michale Schumacher werd ooit zes keer wereldkampioen in de Formule 1. Dat zou hem nooit gelukt zijn in een eenvoudige Volkswagen.”

“De richtinggevende rol van Amsterdam is (…) opvallend. Oplettende en vooral recent gestarte chefs hebben daar met hun eenvoudige keuken een gevoelige snaar geraakt bij hun gasten. (…) Ook in Rotterdam en Eindhoven zijn daarvan tekenen zichtbaar. Bovendien vragen we ons af hoe lang het nog duurt voordat de eerste topchef uit de (verre) provincie een filiaal opent in de grootstedelijke gebieden.”

“De hele gids wordt elk jaar totaal vernieuwd. Geen knip- en plakwerk voor ons. Alleen de rapporten uit het laatste jaar tellen mee. Onze filosofie is nog altijd kort en krachtig: in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.”

“We storen ons steeds meer aan de onechte verhalen rond biologische groenten en diervriendelijk geproduceerd vlees. Bijna elke chef zegt het te gebruiken, maar na enig doorvragen blijkt er meer aan de hand te zijn. Een kleine anekdote. Een van onze inspecteurs eet in een Eindhovens restaurant – zonder vermelding in de gids. Op zijn vraag waar het biologische rundvlees vandaan komt, krijgt hij als antwoord: ‘Uit Zwitserland. De Alpen. U weet wel, van die Milka-koeien.'”

“Waar we ons grote zorgen over maken, is de verkrijgbaarheid van de echte topproducten. Het blijkt dat leveranciers steeds conservatiever worden in hun inkoop. De allerbeste kwaliteiten gaan naar het buitenland en de Nederlandse chefs moeten zich met de rest tevreden stellen.”